Buitenplaatsen
De buitenplaatsen in perspectief
De welvaart in de 17e en de 18e eeuw, onder andere door de oprichting van de Oost-Indische Compagnie, was de oorzaak van dat vele welgestelde,
behalve een woning in de stad, ook buitenplaatsen gingen stichten op het platteland. Deze buitens werden voornamelijk als zomerverblijf in gebruik genomen.
Later, bij het verder toenemen van de welvaart, werden naast de boerenhofsteden ook fraaie buitenplaatsen opgericht, omringd door een prachtige tuin- en parkaanleg,
en gescheiden van de openbare weg door een kunstig gesmeed ijzeren hekwerk.
Buitenplaatsen zijn vaak monumentale gebouwen, die samen met de bijgebouwen en de tuin- en parkaanleg een geheel, één eenheid vormen.
De hoofdfunctie is wonen buiten de stad, op het platteland. De eigenaren van buitenplaatsen bezitten meestal ook een woning in de stad.
Buitenplaatsen moeten niet verward worden met landgoederen: een landgoed daarentegen is een tot een visuele eenheid samengevoegd grootgrondbezit bestaande
uit landbouw en/of bossen, dat de eigenaar ervan inkomsten moet opleveren. Meestal bevindt zich op het landgoed een kasteel of landhuis, maar noodzakelijk is dat niet.
Buitenplaatsen worden soms ook aangezien voor kastelen, maar een kasteel is over het algemeen een adellijk bezit, terwijl buitenplaatsen altijd eigendom waren van leden
van de burgerij. Sommige kastelen zijn in de zeventiende eeuw wel in buitenplaatsen veranderd, zoals kasteel Marquette te Heemskerk. Bekende buitenplaatsbezitters
waren Constantijn Huygens en admiraal Cornelis Tromp.
Buitenplaatsen lagen over het algemeen in pittoreske gebieden die tegelijkertijd ook goed vanuit de stad bereikbaar waren, zoals aan de Vecht,
de Amstel, in het Kennemerland, aan de Vliet en aan de duinrand bij Wassenaar en Den Haag. Ook in polders als de Watergraafsmeer en de Beemster
waren buitenplaatsen te vinden, evenals op Walcheren. In de negetiende eeuw kwamen nieuwe gebieden in de mode waar buitenplaatsen werden gesticht,
zoals de Utrechtse Heuvelrug en het gebied rond Arnhem.
De kern van de buitenplaatsen waren de herenhuizen, deftige gebouwen waarin de eigenaren en de gezinnen zomers vertoefden.
Daaromheen lagen de pleziertuinen waarin gewandeld kon worden, met bijvoorbeeld fonteinen en standbeelden.
Meestal waren er ook oranjerieën met uitheemse planten en andere tot vermaak strekkende zaken, zoals theekoepels, volières of schelpengrotten.
Bij buitenplaatsen hoort ook vaak de aangrenzende boerderij .
In de loop van de negentiende eeuw raakten buitenplaatsen uit de mode en werden ze meestal
ook te duur om slechts in het seizoen te bewonen. In sommige gebieden verdwenen buitenplaatsen geheel, in andere gebieden staan er nog wel veel, al worden
de meeste nu permanent bewoond of als kantoorruimte gebruikt.
Nieuwe buitenplaatsen en landgoederen
In de jaren negentig van de twintigste eeuw nam de overheid het initiatief om
nieuwe buitenplaatsen en landgoederen tot ontwikkeling te brengen.
Een voorbeeld hiervan is landgoed Stikkemoat te Lichtenvoorde.
Een van de redenen om de ontwikkeling van nieuwe buitenplaatsen en landgoederen
te stimuleren is om een nieuwe impuls aan het landelijk gebied te geven. Door bestaande landbouwgrond om te vormen tot landgoed, waarop een woning
van allure mag worden gerealiseerd is mogelijk om met vrijkomende gelden natuurontwikkeling en recreatie te financieren: de zogenaamde rood voor groen
regeling. Per provincie of gemeente gelden hier andere regels en wetten voor.
Magis & Magis Architecten ontwerpt zowel de buitenplaatsen zelf als de tuin- en parkinrichting die de buitens omgeven.
Bovendien kan zij voor de hele omvorming zorg dragen, van landbouwperceel tot een statig landgoed. Denk hierbij ook aan de noodzakelijke
vrijstellingsprocedures ten behoeve van bouwvergunning, milieurapporten, beheerplannen, subsidies, welstandnota's, etc. etc. Doordat wij alles
in een hand hebben kunnen wij een totaalconcept bieden, zodat het landhuis zowel als het landgoed een logische en esthetische eenheid gaan vormen.
Magis & Magis Architecten, voor nieuwe buitenplaatsen en landgoederen van allure
|